Verbruid
Een verhaal over een vergeten trouwjurk in een bruidswinkel in Brussel.
Met dit scenario werd ik genomineerd voor de NTR Podcastprijs.
(Luister naar het audiostuk hierboven voor de complete ervaring.)
Mijn naam is Eglantine Petunia. Wandel je soms voorbij trouwwinkel Au Louvre op de Vlaamsesteenweg 61 in Brussel? Dan heb je me vast wel al eens gezien. Ik ben een paarse bustierjurk gemaakt uit kant en tule. De top is laag uitgesneden en rond mijn middel hangt een smal lint om de taille extra te accentueren. Ik hang in de etalage aan het rechter vensterraam. Ik sta opgesteld achter de drie witte kanten kussens en links van de gouden muiltjes.
Al 34 jaar lang hang ik in deze winkel. Ik raak niet verkocht. “Een te speciaal model”, krijg ik vaak te horen. Mensen zeggen het gewoon recht in mijn gezicht. Hun geld niet waard, vinden ze. Lang geleden ben ik een keer gepast geweest. Ik denk dat het in 1993 was. Ik herinner het me nog goed! Een jonge vrouw keek me met haar grote blauwe ogen aan, greep me vast en nam me mee naar het pashok. Haar blonde lange haren kietelden op de achterkant van mijn top. Ze draaide een paar rondjes voor de spiegel, schudde even met haar kont en tuitte haar volle lippen. Even voelde ik me zelfzeker, gewaardeerd en mooi. Maar toen trok de vrouw me weer uit en liep de winkel buiten. Ik heb haar nooit meer gezien.
“De klanten komen naar ons en vertellen hun idee. Daarna help ik hen. Een pasbeurt duurt zo’n anderhalf uur!” Stefanie Leocata runt Au Louvre al 27 jaar. Maar de bruidswinkel bestaat al veel langer. Het is een familiebedrijf. Voor Stefanie hier werkte, runde haar moeder de zaak. ‘Sinds 1916’ hangt er op een gouden plakkaatje als je de winkel binnenstapt.
Au Louvre is uniek in alles. Het lijkt of de tijd er 100 jaar heeft stilgestaan. Wie naar binnenwil, moet eerst aanbellen. Als je binnenkomt, verwelkomen de paspoppen je meteen. Ze staan op 2 rijen achter elkaar. Hun armen opengesperd. Rond hun lijf hangen de meest bloemrijke jurken.
De winkel staat vol barokke tierlantijntjes. Vooraan hangen 3 grote kristallen kroonluchters van Brusselse antiek. Aan de rechtse kroonluchter hangt trouwens nog wat stof zie ik nu. De vloer is bekleed met rood tapijt. Ook de gordijnen, die overal in de zaak terugkomen, zijn kardinaalrood. De dingen zijn volgens mij dringend aan vervanging toe, want ze zien er nogal afgebleekt uit. Achter de gordijnen hangen de jurken in ellenlange rijen aan een goudkoperen rek. Tegen de muren staan grote Lodewijk XV-spiegels. Wie moet wachten, kan dat op een van de drie rode barokke tronen met gouden details. Persoonlijk zou ik het allemaal wat strakker en moderner inkleden, maar ieder zijn smaak natuurlijk. Stefanie weet wat ze doet.
De droom
Stefanie behandelt ons jurken alsof we haar kinderen zijn. We worden goed verzorgd en elke plooi ligt perfect. Stefanie: “Ik strijk de jurken, was ze grondig en zorg dat er geen make-up of andere viezigheid op terecht komt.”
We komen niks te kort. Toch zou ik heel graag nog eens worden aangetrokken. Al 34 jaar lang ben ik er over aan het dagdromen. Ik wil een trouw meemaken! Eerst een serene ceremonie in het stadhuis, eenvoudig zonder te veel opsmuk. Daarna rijd ik in een BMW klasse 5 naar de feestzaal. Op het feest wordt gegeten uit porseleinen borden met een bronzen randje. Het tafellinnen is Made In Singapore. Als dessert is er tiramisu met aan de onderkant een dikke laag speculaas! Oeps, bruidegom Sander morst rode wijn op mijn paarse satijnen buste. Na het diner wordt er in mij gedanst op muziek van Michel Sardou en zatte nonkel Willy trekt in de late uurtjes aan mijn strik. Je kan het de man niet kwalijk nemen, hij heeft serieuze problemen thuis. Na het trouwfeest word ik opgeborgen in een andere kast. Daar slaap ik mijn roes uit tot 12 uur ’s middags de volgende dag. Wat zou het mooi zijn mocht ik zoiets meemaken. Het is mijn grootste wens!
Ellebeline is hier nieuw sinds een paar weken. Ellebeline is niet eens een echt bruidskleed, maar gewoon een ordinaire cocktailjurk. Een simpel rood bustier kleedje tot knielengte. Niet meer dan dat. Bruidsjurken krijgen altijd een dubbele naam. Cocktailjurken niet. Ze hangen aan een apart rek achterin de winkel. Ik ben van hogere stand. Toch wordt Ellebeline veel vaker vastgegrepen en gepast dan ik. Goedkoper, zit beter en minder opvallend, vinden de klanten. Tss, moeten zij weten. Haar stof is in ieder geval van mindere kwaliteit. Ik denk wel dat Ellebeline hier niet lang meer blijft hangen. Achja. Mijn tijd komt nog wel.
Bijna
Ik ben tevreden. De zon schijnt op mij en Ellebeline is vandaag nog maar 1 keer gepast.
De bel gaat. Drie hooggehakte vrouwen stappen de winkel binnen. Er is een blonde, een bruine en een zwartharige bij. Ik schat ze zo een jaar of 50. Alledrie hebben ze bruingetuite lippen en paarse oogschaduw op. De blonde vrouw haar kokerrok is een maatje te krap. En de zwartharige draagt zo’n zware oorbellen dat het lijkt of haar oren bijna gaan scheuren.
De drie dames lopen me straal voorbij. Zoals gewoonlijk gunnen de klanten me geen ene blik waardig. Ze snuisteren zorgvuldig in het andere rek met trouwjurken en trekken moeilijke gezichten. De zwartharige snuift haar neus op. Stefanie schiet ze te hulp. Ze babbelen
Opeens loopt Stefanie naar me toe. Ze grijpt me vast en neemt me mee naar de dames. De drie bekijken me zorgvuldig. De blonde houdt me dicht tegen het gezicht van de zwartharige vrouw. Een veeg bruine make-up verschijnt op mijn topje. De roodharige zet haar leesbril op en neemt mijn stof tussen haar twee vingers. Lang kijken ze me aan en discussiëren ze met elkaar. Ze aarzelen.
Opeens neemt de zwartharige vrouw me beet en loopt met me weg in de richting van het paskot. Dit kan niet waar zijn! Ik word gepast. De zwartharige vrouw trekt me over haar brede schouders. Op de plek waar haar borsten zouden moeten zitten, heb ik nog veel plaats over. Aan haar buik zit ik te strak, maar aan haar kont dan weer te los. Het past niet mooi. Ze stapt uit de kleedkamer. Wat een raar gevoel. Anders dan ik dacht.
Ik krijg het er benauwd van. Ik weet niet of ik dit wel zo leuk vind.
Wil ik dit wel? Wil ik mee naar huis met deze gekke vrouw? Eigenlijk hing ik hier al die jaren wel goed. Ik zal Stefanie missen! En Ellebeline ook wel een klein beetje. Mischien…
Nee, ik wil hier niet weg!!! Nee, nee, nee. Ik ga nu knellen op haar lijf! “Auw, auwwww!” De vrouw trekt de jurk zo snel als ze kan uit. Ze neemt haar kleren uit het pashok en spurt in haar ondergoed de winkel uit. Haar vriendinnen volgen haar.
Hier hang ik weer. Wandel je soms voorbij trouwwinkel Au Louvre op de Vlaamsesteenweg 61 in Brussel? Dan heb je me vast wel al eens gezien. Ik hang in de etalage aan het rechtervensterraam. Ik sta opgesteld achter de drie witte kanten kussens en links van de gouden muiltjes. Al 34 jaar hang ik hier. En voorlopig vind ik dat wel goed.